Ik zit in de tuin alleen

Toch is er allerlei leven om mij heen.

De vogels zijn hun kroost aan het voeren

Twee duiven zitten in de bomen te koeren.

De vissen happen in de vijver naar lucht

Want de kat van de buren is zojuist gevlucht.

De bloemen staan op het punt van ontwaken,

De spin is bezig een web aan het maken.

Een libel scheert over het wateroppervlak

Er zit een merel luid te zingen op het dak.

Ik sluit mijn ogen, luister en houd mij stil

Hen storen is het laatste wat ik wil.

Ik voel me één met de natuur

Zo kalm, zo vredig en zo puur.

Ik geniet, en ben echt niet alleen

Er is zoveel moois om me heen.